SABRINA VLASKALIC

Ik ken je niet, maar toch ook wel. Vandaag zou je dertig worden.

Jouw laatste berichten op Facebook zijn nog geen etmaal oud op het moment dat ik dit schrijf.

Je was springlevend, enthousiast, opgetogen, dankbaar, heel dankbaar. En je keek als klassiek gitarist enorm uit naar je volgende internationale concert.

Het was alsof je wist dat je niet oud zou worden, zo veelomvattend en betekenisvol is je nalatenschap nu al. Op je 23e was je al hoofdvakdocent aan het conservatorium.

Je was uitzonderlijk begaafd en synesthetisch. Dat zijn maar weinig mensen, weet ik uit ervaring.

Klanken, letters, cijfers: het zijn kleuren. Ze zijn zichtbaar als kleurpatronen.

Jij kon met je gitaar schilderen in alle klankkleuren. Timbre.

Ik zal nooit begrijpen waarom sommige van de allerbeste mensen met de allergrootste talenten, die ze bovendien ook nog benutten, zomaar kunnen wegvallen.

Zonder ziekbed, zonder aankondiging, gewoon zomaar.

Sommige mensen worden maar dertig, of dat nog niet eens. De meeste mensen worden ouder dan zeventig. Er zijn mensen die stokoud worden, terwijl ze hun hele leven niets anders hebben gedaan dan klagen.

Maar jij was liefde. En wijsheid. Ik weet het zeker.

Ik ben 29. Het kan zijn dat ik geen dertig word. Het kan ineens allemaal ophouden. Dat kan ik niet bevatten. Ik kan ook niet bevatten dat er mensen van mijn leeftijd overlijden.

Het enige dat ik kan doen is leven alsof elke dag mijn laatste is. En geen tijd te verkwanselen aan om wat voor reden dan ook niet passende omgevingen. Geen dag, geen minuut, geen seconde.

Ik kan alleen maar met volle teugen van het leven genieten, zo lang als het mag duren, zo lang als het mij gegeven is. Zonder te veel stil te staan bij die onherroepelijke eindigheid.

Het is maar goed dat we niet in een glazen bol kunnen kijken. Beter is het besef: ik laat iets na. Die nalatenschap is nooit af. Zelfs niet als je tachtig bent. En al helemaal niet op de dag vóór je dertigste verjaardag.

Een stichting. Een gedachtegoed. Betekenis. Een reminder. Al is het maar een heel klein plantje dat ontkiemt in de hoofden van mensen, omdat je het daar hebt geplant, heel bewust, of slechts eenmalig in het voorbijgaan, of omdat jij jezelf ergens, waar dan ook, liet horen, liet zien of liet lezen.

Vele concerten zouden nooit zijn, vele klanken zouden nooit gehoord worden, maar ik weet zeker dat ze hemels en prachtig zouden zijn, omdat jouw podium zo groot bleek te zijn dat je de hemel ook nog nodig had.

Jij was een glinsterend licht. Een vlam. Een uitgedoofd, maar voor eeuwig voortwakkerend vuur. De gedrevenheid. Een legende.

Jij was een beweging. Een ripple effect. Een golfstroming.

Liefs