Als late tiener en jonge twintiger wilde ik nog wel eens mijn verjaardag vieren. Er kwamen dan van her en der wat vrienden. Sommige vrienden kende ik nog van de middelbare school, anderen van mijn studie of mijn bijbaan. Het waren steeds losse mensen.

Ik ben nooit gelukt in vriendengroepjes. Naarmate er meer verschillende mensen bij een vriendengroep komen, wordt de consensus groter en krijg je zogenaamde randgevallen die er een beetje halfslachtig bijstaan. De combinatie van dat mensen me vaak niet helemaal begrepen en het gegeven dat ik niet zo dol was (en ben) op almaar compromitteren maakte mij dan hoogstens tot randgeval, maar meestal tot iemand die buiten vriendengroepjes viel.

Ik verzamelde her en der andere eenlingen die ook niet bij groepjes hoorden. En zowaar zette ik, inmiddels opgelucht uithuizig, deze eenlingen bij elkaar, en dat ter ere van mijn verjaardag. Meerdere keren zijn op die manier losse vrienden van mij met elkaar bevriend geraakt.

Vervolgens viel ik er meestal tussenuit. Het was dan alsof ik niet meer altijd zo nodig was, als een eeuwige zelfredzame. Alsof ik als sleuteldrager mocht vertrekken zodra ik het slot had ontgrendeld.

Mijn verbindende talent heb ik voor het eerst echt ingezet toen mijn verjaardagen niet meer verplicht waren en ook niet meer met familie. Eerder was ik me niet bewust van dat ik dit kon. Niemand heeft mij ooit die spiegel voorgehouden. Ik ben altijd weggezet als eigenheimer, terwijl ik vooral bezig was met overleven en juist ook veel behoefte had aan aansluiting, maar die vond ik vaak niet. Ik kan over de periode waarin ik nog thuiswoonde niet zeggen dat ik het niet heb geprobeerd.

Nu ik een stichting heb, hebben veel mensen dankbaar gebruik kunnen maken van mijn klaarblijkelijke talent om mensen te verbinden. Ook hier ben ik inmiddels meer een facilitator, ook al ontstond de stichting ooit vanuit mijn eigen gebrek aan aansluiting.

Het gaat steeds beter. Ik heb er een aantal fantastische mensen leren kennen. Ik kan niet zeggen dat ik nooit meer eenzaam ben, maar wel minder vaak.

Wat ik ook graag wil meegeven is dat doorvragen soms heel waardevol is. Niet uit een zekere beleefdheid almaar zwijgen, maar juist met elkaar in gesprek gaan om te zien wat er wederzijds nodig is en blijft in plaats van dat de één uiteindelijk slechts een facilitator wordt. Het blijven bevragen van die vriendschappelijke basis maakt deze alleen maar sterker. En als dat niet het geval is weet je waarom niet.

Ontdek de voordelen van onbeperkte toegang >